Veehouderij-opleiding groeit.

Door: Groenhorstcollege Barneveld  16-01-2006
Trefwoorden: Landbouw, Opleidingen, Veehouderij

Ook dit jaar is het aantal leerlingen dat zich heeft aangemeld voor de MBO-opleidingen Veehouderij en Management in Barneveld weer gegroeid.
Het Groenhorst College Barneveld is erg blij met deze ontwikkeling. Er wordt door het docenten-team namelijk heel hard gewerkt om deze opleiding degelijk en in een goede sfeer neer te zetten. En dat dit wordt gewaardeerd blijkt wel uit het feit dat de regio van waaruit de leerlingen naar Barneveld komen steeds groter wordt. Er zitten zelfs verschillende leerlingen op kamers, omdat de afstand naar huis te groot is om dagelijks op en neer te rijden.

Volgens een woordvoerder van de school komt deze groei doordat de school duidelijke keuzes maakt in de inhoud en het onderwijsconcept van de opleidingen. Door goed naar de wensen van het bedrijfsleven maar ook naar de wensen van de leerlingen te luisteren, zijn brede, uitdagende opleidingen ontstaan op verschillende niveau’s waarin het Veehouderij-bedrijf steeds centraal staat. Hierdoor zijn de leerlingen zeer gemotiveerd bij het tot zich nemen van de leerstof. Zelfs bij vakgebieden als talen, exact en maatschappijleer, fungeert de bedrijfstak steeds als vertrekpunt.
Een leerling kan ook kiezen voor een leer-werktraject. Dit is een vooral praktisch gerichte manier van werken,waarbij de leerling 1 dag per week naar school komt en de praktijk helemaal op een leerbedrijf leert. De baas is dus werkgever en opleider tegelijk.

Het nieuwe leren
Het ‘nieuwe leren’ wordt momenteel ingevoerd op veel agrarische opleidingen. In de ogen van het docententeam van de Veehouderij-opleidingen in Barneveld zitten er goede elementen in, maar slaat dit nieuwe leren te ver door. Bij het nieuwe leren horen individuele leerwegen, zelfstandig werkende leerlingen die zelf volledig verantwoordelijk zijn voor hun eigen leerproces. De leerkrachten doen niet anders meer dan begeleiden en coachen; de student moet zich de leerstof geheel zelfstandig eigen maken.
Voor je het weet komen MBO-studenten van zo’n 16 tot 20 jaar op deze manier in de knel. Zelfstandig werken kan wel, maar daar hoort een zeer intensieve begeleiding bij en die is onbetaalbaar. Daarom kiest Barneveld voor een degelijke aanpak, waarbij juist alle werkvormen worden afgewisseld.
Zelfstandig leren is voor studenten soms een leuke manier van kennis vergaren. Maar erg efficiënt is deze manier niet. Doceren is een heel efficiënte manier van kennisoverdracht, maar alleen maar ‘monden dicht en luisteren’ werkt ook niet.
Daarom streeft men in Barneveld juist naar een mix van werkvormen. Doceren en zelfwerkzaamheid, praktijklessen en projecten, stage en probleemgestuurde onderwijs wisselen elkaar af. Daarbij zit er een heel bewuste opbouw in van veel begeleiding in leerjaar 1 naar veel zelfstandigheid in het laatste leerjaar.

Individuele leerwegen
Dit is ook iets, waarvan men in Barneveld vindt dat je er gauw in doorslaat. Een individuele leerweg voor iedere student klinkt heel leuk, maar is moeilijk echt waar te maken. Doe dan ook niet net alsof het wel haalbaar is, maar wees eerlijk. Bovendien zijn juist het samenwerken, het elkaar helpen, het in teamwork iets presteren, vaardigheden die ook het bedrijfsleven heel belangrijk vindt. In onze individugerichte samenleving is het juist belangrijk dat studenten niet steeds ik-gericht bezig zijn.
Wel biedt Barneveld zowel voor VMBO-leerlingen als voor Havo-leerlingen de mogelijkheid om de opleiding in een versneld tempo te doen. Dit is afhankelijk van het niveau en advies van de toeleverende school.
Bovendien biedt het Groenhorst College een versnelde, doorlopende leerlijn aan waarmee studenten ook op de HAS studieduurverkorting krijgen.

Belevingswereld centraal
Een opleiding kan nog zulke goede onderwijskundige principes hanteren, het is de leerling die het moet waarmaken. En de leerling die kiest voor een Veehouderij-opleiding is niet bezig met didactische principes, of met theorieën over het belang van een brede algemene vorming. De leerling wil (naast brommers, rijbewijs, verkering e.d.) bezig zijn met het veehouderij-bedrijf en de werkzaamheden die daar plaats vinden.
Daarom zit er tot niveau 3 veel praktijk in de vorm van stages en praktijklessen in de opleidingen. De leerling leert het voeren, verzorgen en melken, maar ook de huisvesting, fokkerij en het machinebeheer zo uitgebreid in theorie en praktijk, dat hij op niveau 3 in staat is om op een veehouderijbedrijf, maar ook daar buiten, te functioneren als zelfstandig medewerker. Door de manier van aanbieden en verwerken van de leerstof, zorgen de docenten er voor dat de leerling ook de sociale aspecten en algemene vorming meekrijgt die mag worden verwacht van een werknemer op dit niveau.
Op niveau 4 draait het vaktechnische deel om het management, en het plannen en optimaliseren als ondernemer. De opleiding wordt afgesloten door het opstellen van een ondernemersplan voor een bestaand bedrijf dat werkelijk te koop staat in Groningen of Duitsland. Als de bank in principe de financiering wil verstrekken op grond van het zelf gemaakte ondernemersplan, dan is de leerling geslaagd voor het niveau 4 diploma. En daarmee in staat om zelfstandig een veehouderijbedrijf te runnen. Maar ook kan hij of zij prima functioneren in kaderfuncties in de veehouderij-keten en zelfs daar buiten. Juist ook om heel goede kansen te hebben op de arbeidsmarkt, worden in het niveau 4 deel van de opleiding veel sociale vaardigheden geoefend. Natuurlijk weer vanuit een praktische benadering, bijv. in de vorm van een uitwisselingsproject: veehouderij-leerlingen uit verschillende EU-landen bezoeken elkaar, vergelijken de veehouderij in deze landen en bouwen hiervan een website die weer in theorielessen kan worden gebruikt door andere leerlingen.
Voor verdere informatie over opleidingen of open dagen: 0342 – 455500 of www.groenhorstbarneveld.nl

Trefwoorden: Landbouw, Opleidingen, Veehouderij

Contact Groenhorstcollege Barneveld

Website - Geen ingevoerd

E-mail - Geen ingevoerd

Deze pagina afdrukken

Share