Groen doen!

Door: Groenedaken.net  27-04-2009
Trefwoorden: Groendak, Sedumdaken, Sedumdak

Een dak vol vetplantjes is goed voor het milieu en voor de mensen die er onder wonen. Maar hoe kom je er aan?


Het is snel gegaan met de groene daken. Werd zo’n dak tot voor kort nog beschouwd als een grappige hobby van wereldvreemde natuurfreaks, de laatste jaren laten alle zichzelf respecterende gemeenten hun – over het algemeen platte – gemeentehuizen, politiekantoren en brandweerkazernes bekleden met een tapijt van vetplantjes (sedum). Datzelfde zien we gebeuren bij de onderkomens van sport- en natuurverenigingen. Om maar te zwijgen van ondernemers, die staan te trappelen om het dak van hun bedrijf te laten beplanten.

De groeiende populariteit van groene daken heeft veel te maken met de wens het milieu tegemoet te komen. Groen op het dak neemt een groot deel van het regenwater op dat anders in het riool terecht zou komen – met overbelasting en overstroming als gevolg. Het verbetert de luchtkwaliteit doordat het fijnstof opvangt, en het vermindert geluidsoverlast.

Maar ’milieu’ is niet de enige reden waarom een dak met vetplanten, mos of kruiden zo gewild is. Beplanting op het dak beschermt de dakbedekking, die daardoor veel langer meegaat. Het verbetert het woon- en leefmilieu, wat vooral in stedelijke gebieden geen overbodige luxe is. Het reguleert de binnentemperatuur, zodat het ’s winters langer warm blijft en ’s zomers langer koel. En het lokt insecten en dus ook vogels naar het dak.



Ook op kleine stukjes kan tegenwoordig een sedumdak worden aangelegd.


Heel fijn natuurlijk, dat overheden en ondernemers hun dak bekleden met sedum of kruiden. Maar wat moeten u en ik wanneer we onze garage, carport, bijkeuken of fietsenschuurtje willen beplanten? Het antwoord op deze vraag was tot voor kort: niets, helemaal niets. Onze uitbouwtjes, met hun luttele vierkante metertjes, waren volstrekt niet interessant voor hoveniers.

Henk Vlijm erkent dat het voor particuliere huizenbezitters moeilijk, zo niet onmogelijk was om aan een groen dak te komen. Vlijm is commercieel directeur bij de Nederlands-Belgische vestiging van Optigroen, dat ruim 35 jaar ervaring heeft met dakbegroeiing. „Er zijn legio bedrijven die sedum- of kruidendaken aanbieden”, zegt hij. „Maar die richten zich vooral op overheden en bedrijven. Wilde een particulier toch een groen dak, dan moest hij daarvoor naar een hovenier. Maar voor zo iemand loont het niet om een factuur te schrijven voor tien vierkante meter. Het enige wat de particulier kon doen was alles zelf ophalen en meteen afrekenen.”




In Duitsland, waar het moederbedrijf Optigrün is gevestigd, is de vraag naar dakbegroeiing de afgelopen decennia explosief toegenomen. Om aan die vraag te voldoen, lanceerde Optigrün een webshop. „Die liep zo goed, dat ik op het idee kwam ook voor Nederland een webshop op te zetten”, zegt Vlijm. Dankzij die internetwinkel kan iedere Nederlander voortaan op zijn carport of aanbouw een groen dak aanleggen. Een vakman is daarbij niet nodig. Wie niet al te onhandig is, doet het gewoon zelf.

Het plaatsen van de bestelling is kinderlijk eenvoudig. Op de website staan verschillende doe-het-zelfpakketten. Je kiest er een uit die aan je wensen voldoet en geeft het aantal vierkante meters op dat je nodig hebt. Het pakket, met daarin een drainageplaat, substraat en sedumstekjes, kruidenplugjes of vegetatiematten, wordt onder rembours thuisbezorgd.

Het pakket met de stekjes is het voordeligst. „Het duurt een jaar voordat die geworteld zijn en een aansluitende mat vormen”, zegt Vlijm. „Het is te vergelijken met graszaad of graszoden. Wie alle tijd heeft neemt stekjes, wie direct een volgroeid dak wil, bestelt de kant en klare sedummatten.”

Voor het aanleggen van een groen dak hoef je geen groene vingers te hebben. Bij het sedumpakket zit een uitgebreide handleiding bijgesloten. Mocht het desondanks niet lukken, dan heeft Optigroen adressen van dakhoveniers die de zaak alsnog tot een goed einde kunnen brengen.




De meeste daken kunnen het gewicht van een laag substraat en plantjes heel goed hebben. Als je nagaat dat de grindlaag die meestal op daken ligt twee keer zo zwaar is als het lichtste vegetatiedak, dan hoef je niet bang te zijn dat je garage of bijkeuken op een dag vol ligt met sedumplantjes die door het dak zijn gezakt.

Niet zonder trots vertelt Vlijm dat zijn bedrijf uitgaat van ’de drie P’s’ (People Planet Profit), die staan voor een harmonieuze combinatie van mensen, milieu en opbrengst. Bij Optigroen uit zich dat in het feit dat de sedumplantjes gekweekt worden door mensen met een geestelijke of verstandelijke beperking, dat alle materialen recyclebaar zijn en dat de bedrijfsvoering transparant is. Dat laatste licht Vlijm toe met een voorbeeld: „Wij leveren geen kant en klare sedummat zonder drainagelaag. En we leggen de matten ook niet op volle grond. Daar blijft niets van over, omdat het dichtslibt. Wij willen een goed systeem leveren en daar hoort een substraatlaag bij.”




Een groendak heeft weliswaar niet veel onderhoud nodig, maar helemaal onderhoudsvrij is het ook weer niet. Af en toe zul je dus het dak op moeten om de afvoer van regenwater schoon te maken, onkruid weg te halen (twee keer per jaar) en de sedumplantjes te bemesten (een keer per jaar). Voor dat laatste zijn in de webwinkel mestkorrels verkrijgbaar die omhuld zijn. Daardoor lossen ze langzaam op en raakt de dakbedekking niet beschadigd door de in de korrels aanwezige nitraten. Als je de sedumlaag af en toe bemest, blijft hij groen. Zonder mest wordt hij roodbruin. Wel mooi natuurlijk, maar niet wat je noemt een goed teken.

En dan zijn we beland bij een niet onbelangrijke bijkomstigheid van een groendak: de subsidieregelingen. Vlijm vertelt dat zijn bedrijf overheden begeleidt bij het opzetten van een goede subsidieregeling. „Het gevaar is dat er anders een wirwar aan regels ontstaat, omdat iedere gemeente haar eigen plan bedenkt.” De vooruitzichten zijn gunstig. Steeds meer gemeenten zien in dat het stimuleren van groendaken in hun eigen belang is. Ook de eisen waaraan zo’n dak moet voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen, worden steeds duidelijker. „Wij adviseren de gemeenten daarbij”, zegt Vlijm. „Want we willen niet dat straks elke cowboy een groendak kan aanleggen.”

www.groenedaken.net


© Trouw 2009, op dit artikel rust copyright.

Trefwoorden: Groendak, Groene Daken, Sedumdak, Sedumdaken