Nederlanders verwarren zorg en welzijn

Door: Welzijnnederland  10-07-2008
Trefwoorden: Internet, Marketing, Reclame

Welzijnswerk is de leuke kant van de zorg
Bijna de helft van de Nederlanders (47,8%) is onbekend met het welzijnswerk. Jongeren van 15 tot 24 kennen het welzijnswerk het minst (57,3% is onbekend), ouderen van 65 jaar en ouder kennen het welzijnswerk het beste (59% is bekend). Wanneer Nederlanders wordt gevraagd naar wat volgens hen het welzijnswerk inhoudt volgt een bonte stoet van omschrijvingen. Bijna 12% is eerlijk en zegt geen idee te hebben. De overige ondervraagden geven omschrijvingen waaruit blijkt dat voor de meeste Nederlanders er geen wezenlijk verschil is tussen zorg en welzijn. Een van de ondervraagden noemt het welzijnswerk “de leuke kant van de zorg”. Veel Nederlanders denken ook dat welzijnswerk er vooral voor ouderen is.

Jongeren niet te beroerd voor vrijwilligerswerk
Iets minder dan de helft van de Nederlanders maakt gebruik van de diensten van het welzijnswerk waarbij het doen van vrijwilligerswerk erg populair is. Maar liefst 27,4% van de Nederlanders verricht vrijwilligerswerk. Opvallend is het grote aantal jongeren dat vrijwilligerswerk verricht: maar liefst 33,3%. De leeftijdsgroep van 35 tot 44 jaar maakt het minst gebruik van de diensten van het welzijnswerk. Van alle leeftijdsgroepen geven zij aan het meest gebruik te maken van de dienst “Professionele hulp bij diverse problemen”. Mensen geven aan geen gebruik te maken van de diensten van het welzijnswerk omdat ze het te druk hebben of zichzelf goed kunnen redden. Kansen liggen er voor de welzijnorganisaties bij 13% van de ondervraagden die nu geen gebruik maken van de diensten van het welzijnswerk maar dit wel zouden willen. Dit zijn met name jongeren. Ook hier is het vrijwilligerswerk weer populair (36,4%) gevolgd door vrijetijdsbesteding en sport en bewegen (beiden 18,2%).

Welzijnswerk moet zich profileren op het internet
Maar liefst 43% van de Nederlanders zoekt naar het welzijnswerk op het internet. Internet is vooral onder de jongeren populair. Hieruit kan geconcludeerd worden dat jongeren via het internet geïnteresseerd kunnen worden voor vooral het doen van vrijwilligerswerk. Onder de ouderen is het internet niet populair. Zij geven de voorkeur aan gemeenten en informeren via familie, vrienden en kennissen. Dit laatste bevestigt dat mond tot mond reclame ook voor welzijnorganisaties een belangrijk marketinginstrument is.

Onbekend vooral in de grote steden
Het onderzoek toont ook aan dat het welzijnswerk in grote steden minder bekend is dan in middelgrote en kleine steden/dorpen. In de grote steden geven de respondenten aan vooral via het internet te zoeken dus daar ligt een mooie opdracht voor de welzijnorganisaties die in de grote steden actief zijn.

Last van verwarring
Welzijnorganisaties hebben last van de negatieve publiciteit over de ontwikkelingen van de zorg binnen de Wmo. Omdat Nederlanders niet of nauwelijks onderscheid maken tussen zorg en welzijn betrekken zij negatieve ervaringen in de zorg ook op het welzijnswerk. De positieve kansen die de meeste welzijnorganisaties zien met de komst van de Wmo moeten daarom hoognodig worden verzilverd. Zeker omdat de problemen bij de thuiszorg aanhouden en gemeenten overal starten met de integrale invulling van de Wmo waarbij de hoofdrol is weggelegd voor het welzijnswerk. De onderzoekers zijn duidelijk in hun aanbevelingen: eerst zal het welzijnswerk zich beter moeten profileren. Zij adviseren daarbij niet te beginnen bij het welzijnswerk zelf omdat dit begrip te onbekend is. Uit het onderzoek blijkt dat mensen wel bekend zijn met de inhoud van de diensten zodat profilering zich daarop moet richten. Vernieuwing in het welzijnswerk, zoals staatsecretaris Bussemaker voor ogen heeft, begint bij een betere bekendheid bij de burger. Een mooie uitdaging voor het welzijnswerk.
Het volledige rapport is te downloaden op http://www.welzijnmarketing.nl/marketing.html

Trefwoorden: Internet, Jongeren, Marketing, Ouderen, Promotie, Reclame, Welzijn, Zorg