Nederland verspeelt groene voorsprong

Door: Het Pr Bureau  09-10-2007
Trefwoorden: Duurzaam, Water, Belasting

- Persbericht -

Duurzame energie vraagt om visie en stabiele regelgeving
Nederland verspeelt groene voorsprong

Amsterdam, dinsdag 9 oktober 2007 – Nederland presteert de laatste jaren relatief slecht op het gebied van ‘groene’ duurzame energie, waardoor ze haar voorsprong heeft verspeeld. Dat blijkt uit internationaal onderzoek van Roland Berger Strategy Consultants. Omdat de overheid voornamelijk bezig is geweest met marktstructurering, is volgens het strategisch adviesbureau een instabiel investeringsklimaat ontstaan. Dat is funest voor de overgang naar duurzame energievoorziening. Het onderzoek geeft een vergelijking van de prestaties van bedrijven, alsmede aanbevelingen voor overheden om de transitie naar duurzaam te stimuleren.

Nederland: traditioneel koploper in groen
Traditioneel was Nederland koploper op het gebied van duurzame energievoorziening. Samen met Denemarken en het Verenigd Koninkrijk, hebben we forse successen geboekt op het gebied van efficiënt gebruik van energie door de eindgebruiker. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het gebruik van hoogrendementsketels en isolerend glas. Ook zijn we relatief ver met warmtekrachtkoppeling, waarbij de warmte die vrijkomt bij het opwekken van elektriciteit meteen weer opgevangen en hergebruikt wordt (en vice versa). Op het gebied van het verbranden van biomassa en afval behoren we tot de marktleiders in de westerse wereld. Traditioneel was Nederland dus erg sterk, mede als gevolg van stabiele regelgeving en een goede samenwerking tussen bedrijfsleven en de overheid.

De laatste jaren: veranderende regelgeving, focus op marktstructurering
Nederland is haar groene voorsprong echter al weer kwijt. “Door de continue discussie over herstructurering van de markt – waaronder splitsing van de energiesector – ontstaat een instabiel investeringsklimaat,” verklaart Jochem Moerkerken, lid van het management team van Roland Berger. “Dit is funest. Hierdoor durven Nederlandse energiebedrijven nauwelijks te investeren in schone energie. Ook ontbreken de gedeelde visie en stabiele regelgeving rond duurzame energievoorziening die nodig zijn om over een lange termijn voorwaartse stappen te zetten.”

Resultaat: veel roepen, weinig doen
De Nederlandse bedrijven blijven hierdoor achter op hun ‘groene’ prestaties. Er zijn volgens Moerkerken zowel ‘echt groene’ (EDP, Iberdrola) als behoorlijk vervuilende organisaties (E.on, RWE) die aanzienlijk actiever en innovatiever zijn op het gebied van duurzaamheid dan de Nederlandse spelers. “Bij ons blijft het helaas vooralsnog bij veel roepen en weinig doen. Een schrijnend voorbeeld is dat door de continu veranderende inzichten van de overheid, investeringen van Essent in het verbranden van biomassa, in de afgelopen jaren voor een groot deel zijn stilgelegd. Grotere bedrijven doen het ook aanmerkelijk beter dan kleine. Investeringen in wind en andere vormen van duurzame energieopwekking zijn nu eenmaal riskant. Kleinere partijen, zoals de Nederlandse spelers, doen minder snel dit soort investeringen, zeker als de overheid niet meewerkt.”

Een duidelijke visie is nodig
“Als we kijken naar de toekomst, is een overkoepelende lange termijnvisie noodzakelijk om de transitie naar duurzame energieopwekking te sturen. Voor goede voorbeelden kunnen we naar ons eigen verleden kijken: de resultaten die we hebben geboekt met onder andere warmtekrachtkoppeling, afvalverwerking en verbranding van biomassa zijn exemplarisch. Zonder een dergelijke visie gaat een volgende regering weer een andere kant op,” aldus Moerkerken. Het onderzoek biedt een aantal succesfactoren dat een positieve rol kan spelen bij de implementatie van een groene bedrijfsvoering.

Advies 1: reken bedrijven niet alleen af op CO2 uitstoot, maar ook op trends en investeringen
In de kwantitatieve fase van de studie kwam naar voren dat de CO2-footprint vandaag de dag geen goede maatstaf is. Moerkerken: “Het vertelt ons alleen iets over beleid uit het verleden en niet over de huidige koers. Ook de jaar-op-jaar verandering van CO2 uitstoot is geen goede graadmeter: een droog of windarm jaar leidt namelijk meteen tot een verslechterde score, hoewel dit niet hoeft te betekenen dat de trend verkeerd is. In die wetenschap hebben wij aanvullend gekeken naar de investeringen, waaruit blijkt dat Nederlandse bedrijven behoorlijk achterlopen. Een goed oordeel is alleen te vellen door te kijken naar een combinatie van de CO2 uitstoot, de reductie van de CO2 uitstoot, de trend en de investeringen om CO2 uitstoot te reduceren. Alleen op die manier kan een zuiver, betrouwbaar en eerlijk beeld van de prestaties van een bedrijf worden gevormd.”

Advies 2: ontwikkel veelbelovende technologieën en creëer een markt voor rijpe technologieën
“Wat in ieder geval nodig is, is stabiele regelgeving en een focus op stabiele technologie,” vervolgt Moerkerken. “Zo heeft het bijvoorbeeld geen enkele zin om subsidie te gebruiken om een grootschalige uitrol van zonnepanelen te stimuleren, zolang de technologie nog veel te kostbaar is om te concurreren met ‘traditionele’ technologie. De prijs van een zonnecel is op dit moment nog vele malen hoger dan de prijs die nodig is om het product rendabel te laten draaien. Dat geld kan de overheid dan beter steken in onderzoek en ontwikkeling van een goedkopere en betere generatie panelen, die wél marktrijp zijn. Dergelijke stimulansen bieden bovendien een grote economische spin-off. Duitsland heeft door slim te investeren in wind- en zonne-energie een leidende rol in het produceren van de windturbines en zonnecellen genomen,” aldus Moerkerken.

Advies 3: niet alleen belastingverhoging, maar ook alternatieven bieden
“De overheid kan er aan bijdragen dat klanten groene energie afnemen, door te zorgen voor een reëel alternatief. Belasting beïnvloedt gedrag niet of nauwelijks, dat is inmiddels wel bewezen. Het duurder maken van de brandstof leidt niet tot minder kilometers. Als je echter goedkope biodiesel aanbiedt, zal er wél iets veranderen,” besluit Moerkerken.

Over het onderzoek
Roland Berger Strategy Consultants analyseerde gegevens van de achttien leidende energiebedrijven van Europa, in twaalf verschillende markten. Voor het rapport How to become successful in green? is gekeken naar concrete investeringen in schone energie, naast de zogenaamde carbon footprint, oftewel de CO2-uitstoot. Daaruit blijkt vandaag de dag alleen iets over wetgeving in het verleden. Bovendien kunnen jaar-op-jaar verschillen groot zijn, waardoor naar trends gekeken moet worden.

Roland Berger Strategy Consultants
Roland Berger Strategy Consultants is een internationaal strategisch adviesbureau met ruim 1.700 medewerkers in 33 kantoren verspreid over 23 landen. In Europa behoort de firma tot de top-3 van strategieadviseurs, wereldwijd tot de top-5. In het Nederlandse kantoor werken ruim 50 mensen. Zie ook www.rolandberger.nl.

- Einde bericht -


**NOOT voor de REDACTIE**

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jochem Moerkerken, lid van het management team van Roland Berger Strategy Consultants, via: 020 – 796 06 00, of per e-mail: [email protected].

Hier kunt u eveneens het onderzoeksrapport How to become successful in green? opvragen.

Trefwoorden: Adviesbureau, Afvalverwerking, Belasting, Biodiesel, Biomassa, Brandstof, Co2, Duurzaam, Emissie, Energie, Groen, Klimaat, Markt, Milieu, Panelen, Schoon, Strategisch, Uitstoot, Warmte, Water, Wind, Zon