Het ergste moet nog komen

Het ergste moet nog komen van Paerel Vermogensbeheer

Door: Paerel Vermogensbeheer  26-01-2009
Trefwoorden: Aex, Column Michel Klaster, Paerel Vermogensbeheer,

Het ergste moet nog komen

Volgens recente cijfers van het National Bureau of Economic Research (NBER) bevindt de economie in de VS zich sinds december 2007 in een recessie. Hiermee duurt de recessie nu al langer dan de vorige twee recessies (2001 en 1990-1991) bij elkaar. En het slechte nieuws is: het ergste moet nog komen.


De verwachtingen zijn, dat het eerste kwartaal 2009 nog slechter uitpakt dan het laatste kwartaal van 2008 (de verwachting is minimaal 4% lager dan een jaar geleden). De laatste tijd wijzen veel analisten en strategen op het feit dat de beurs 9 tot 12 maanden vooruitloopt op de economie en dat de aandelenmarkt dus alweer flink kan herstellen, mits de economie in de tweede helft van 2009 weer aantrekt. De cruciale vraag is dus, hoe lang duurt de recessie nog en zijn er al eerste tekenen van herstel? Om een beeld te krijgen van de ernst van de recessie gaan we inzoomen op de belangrijkste onderdelen van de Amerikaanse economie en bespreken we enkele voorspellende indicatoren. Door parallellen te trekken met het verleden wordt een verband gelegd met de te verwachten rendementen.

Huidige ontwikkelingen
Zoals bekend zijn in de VS de consumentenbestedingen verreweg het belangrijkste segment van de economie. De uitermate zwakke cijfers van de detailhandelsverkopen die 14 januari werden gepubliceerd, kwamen dus ook hard aan. De daling bedroeg 2,7% ten opzichte van november. Dit is een opvallende daling aangezien december traditioneel een goede maand is. Ten opzichte van december 2007 bedroeg de daling zelfs 9,8%. De dalingen vonden over de gehele linie plaats met uitzondering van drogisterijen als gevolg van prijsstijgingen in deze branche.

De consument neemt dus geen halve maatregelen als het gaat om het terugbrengen van de uitgaven. Dit is gezien de werkgelegenheidscijfers die 9 januari werden gepubliceerd niet echt verwonderlijk. In december nam het aantal arbeidsplaatsen weer af, en wel met 524.000. Over heel 2008 daalde het aantal arbeidsplaatsen met 2,6 miljoen banen. Dit is de grootste teruggang in een jaar sinds WOII. Hiermee komt de werkloosheid uit op 7,2%. Aangezien de arbeidsmarkt altijd achterloopt op de economische ontwikkeling is de verwachting dat ook in 2009 meer dan 2,5 miljoen banen verloren zullen gaan. Hiermee zal het werkloosheidspercentage begin 2010 uitkomen boven de 9%, een percentage dat we sinds begin jaren tachtig niet meer hebben gezien.

Zijn er al lichtpuntjes?
Om iets zinnigs te kunnen zeggen over de duur van de huidige recessie kijken we naar de diverse leading indicators van de leidende economie: de VS. De belangrijkste, de ISM Manufacturing index en de ISM Non-Manufacturing index laten een divers beeld zien. De vertrouwensindex van inkoopmanagers in de industrie daalde tot 32.4, het laagste punt sinds 1980. Daarentegen herstelde de vertrouwensindex van inkoopmanagers in de dienstensector licht tot 40.6 nadat deze in november op een all time low noteerde van 37.3. Een andere interessante indicator is de CLI (Composite Leading Indicator) van de OECD. Dit is een mandje van verschillende leidende indicatoren. Deze kwam voor november uit op 92.2 (was 93.9) en wereldwijd op 93.8 (was 95.1). Wat opvalt aan de cijfers is dat op Brazilië na geen enkel land een cijfer boven de 100 heeft, oftewel dat de groeitrend voor alle landen negatief is. In China, Rusland, Duitsland en Japan waren de dalingen deze maand het sterkst. Deze cijfers illustreren dat dit een echte wereldwijde recessie is.

Een ander belangrijk cijfer dat in januari is uitgekomen zijn de Amerikaanse huizenprijzen. In oktober kwam de geannualiseerde daling uit op 19% (Case Shiller Home 10-city index), opnieuw de grootste daling sinds dit cijfer wordt bijgehouden (1987). Ten opzichte van de piek in augustus 2006 betekent dit een daling van 25%. De ontwikkeling van de huizenprijzen is juist in deze recessie extra belangrijk omdat de crisis is begonnen op de huizenmarkt. Met het nodige optimisme kan worden geconcludeerd dat het stijgende vertrouwen binnen de dienstensector zou kunnen wijzen op een voorzichtig herstel in de tweede helft van 2009. Eén positief cijfer is echter wat mij betreft te weinig om hier al te veel waarde aan te hechten. We moeten dan ook rekening houden met het scenario dat van een serieus herstel pas sprake is in de loop van 2010.

Wat nu?
Hoewel de recessie dus ernstig is en er nog weinig tekenen zijn van herstel, is dit voor beleggers niet per se slecht nieuws. Vaak herstellen koersen al terwijl het economisch nog erg slecht gaat. In onderstaande figuur worden de koersrendementen van de belangrijkste Amerikaanse index (S&P500) getoond vlak voor en nadat de economie zijn piek bereikte, kijkend naar recessies in de afgelopen honderd jaar.

Als dit een leidraad is voor de huidige situatie dan betekent dit goed nieuws voor de beleggers. De rendementen voor en vlak na de economische piek waren weliswaar matig tot slecht, maar in de periode van 12 tot 18 maanden na de piek herstelden koersen gemiddeld 10%. Kijken we alleen naar de periode na de oorlog dan was het herstel zelfs gemiddeld 18%. Veel strategen wijzen op dit fenomeen en voorspellen dat ondanks de slechte economie de beurs flink zal herstellen in 2009.

Betekent dit dus nu vol in aandelen, ondanks de economische malaise? Ik ben van mening dat dit mogelijk te vroeg is. Zelf ga ik niet verder dan een neutrale weging voor de aandelenmarkt. Wel is het verstandig, zoals ook in eerdere columns aangegeven, om als je een grote som liquiditeiten achter de hand hebt nu al te beginnen met gestaffelde aankopen. Deze voorzichtigheid houdt verband met de zojuist besproken hevigheid van de recessie en het gebrek aan aanknopingspunten voor een spoedig herstel. Daarnaast en dat is misschien wel het belangrijkste argument, is het risico op een langdurig deflatiescenario nog steeds opportuun. Het inflatiecijfer (CPI) heeft dit inmiddels bevestigd. In de volgende column gaan we nader in op deflatie, waarom de risico’s hierop zijn toegenomen en wat dit betekent voor aandelenbeleggers.




Michel Klaster is directeur van Paerel Vermogensbeheer. Eerder werkte hij als Fund Manager bij Blue Sky Group (KLM) en Fortis. Paerel Vermogensbeheer beheert beleggingsportefeuilles voor particulieren en kleine instituten. Klaster is econometrist en macro-econoom en baseert zijn visie niet alleen op kwantitatieve en economische modellen maar ook op technische analyse. Hij geeft regelmatig in de media zijn visie op de beurs en de economie. Klaster heeft diverse beleggingsfondsen opgericht waaronder het Paerel Alternative Fund. Dit mixfonds belegt in diverse alternatieve beleggingscategorieën. De informatie in deze column is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als een individuele aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Iedere belegging, die u overweegt, dient u te toetsen aan uw persoonlijk beleggersprofiel of te bespreken met uw beleggingsadviseur. De beleggingsfondsen of andere financiële titels die worden besproken kunnen onderdeel uitmaken van de portefeuilles van Paerel. Surf naar www.paerel.nl voor de meest recente portefeuille overzichten. Paerel Vermogensbeheer B.V. is een beleggingsonderneming en staat onder toezicht van de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandse Bank. Voor de uitgebreide disclaimer verwijzen wij naar onze website www.Paerel.nl. Vragen of reacties kunt u mailen naar [email protected]

Trefwoorden: Aex, Column Michel Klaster, Paerel Vermogensbeheer,

Contact Paerel Vermogensbeheer

E-mail

Deze pagina afdrukken

Share