Meer mogelijkheden voor co-vergisting

Door: Rijksoverheid  28-06-2006
Trefwoorden: Landbouw, Co-vergisting, Biogasinstallatie

28-06-2006 - Minister Veerman heeft bij de opening van de biogasinstallatie op het praktijkcentrum in Sterksel (Noord-Brabant) vandaag enkele maatregelen aangekondigd die het makkelijker maken om een biogasinstallatie te gebruiken. In een biogasinstallatie gaat meestal dierlijke mest en ander organisch materiaal waaronder maïs. Voor het restant dat overblijft na de vergisting geldt nu nog dat álles als mest moet worden gerekend. Straks telt alleen het deel mest en niet de andere toevoegingen, mits alle vergiste mest op het eigen bedrijf wordt gebruikt. Als er alleen maïs in de biogasinstallatie zit, mag het restant dat overblijft met een ontheffing als meststof worden gebruikt. De minister gaat onderzoeken bij welke gewassen dat nog meer kan. Daarnaast zijn er nu nog acht restanten van voedingsproducten benoemd die ook in de biogasinstallatie mogen. Daarmee komt het aantal toegestane producten op bijna veertig.

Er komen steeds meer biogasinstallaties in Nederland. Op dit moment zijn er zo'n 30 maar de verwachting is dat het eind volgend jaar meer dan 100 zijn. Eén biogasinstallatie van een boerenbedrijf kan tussen de 300 en 500 gezinnen van elektriciteit voorzien. In een biogasinstallatie wordt mest, resten van gewassen zoals maïs en restanten van voedingsmiddelen vergist. Er ontstaat dan biogas dat wordt gebruikt om elektriciteit te maken. De overblijfselen na vergisting kunnen weer worden gebruikt als meststoffen. Zo'n 800 agrariërs hebben investeringsplannen. Om het gebruik van een biogasinstallatie economisch rendabel te maken wordt belemmerende regelgeving vereenvoudigd of aangepast.

Trefwoorden: Biogasinstallatie, Co-vergisting, Landbouw