Productie van bio-ethanol met proces van TNO wordt helft goedkoper

Productie van bio-ethanol met proces van TNO wordt helft goedkoper van Tno

Door: Tno  07-03-2007
Trefwoorden: Duurzaam, Milieu, Olie

Voor de productie van bio-ethanol haalt de industrie nu suikers uit de zetmeelfractie van gewassen als maïs, tarwe en suikerriet. Dat is niet alleen relatief duur maar ook de beschikbaarheid is beperkt om straks op grote schaal bio-ethanol te produceren. “We staan nog maar aan het begin van biobrandstoffentijdperk en de productiegrenzen komen al in zicht. Bio-ethanol uit maïs is de concurrentie met de voedingsindustrie al aangegaan,” aldus projectleider dr. ir. Johan van Groenestijn van TNO uit Zeist.



Toenemende vraag biobrandstoffen

Aan de toenemende vraag naar biobrandstoffen kan alleen worden voldaan door ook de suikers uit de stugge en houtachtige delen van planten (lignocellulose fractie) te benutten voor bio-ethanolproductie. Daarmee kunnen naast landbouwgewassen ook andere plantaardige materialen (biomassa), zoals rest- en snoeihout, gras, bladeren en stro, worden gebruikt. Deze zijn in grote hoeveelheden en tegen lage kosten beschikbaar.



Zwavelzuur sleutel in omnivoor-proces

De suikers in biomassa zitten echter stevig ‘verpakt’. Het is de kunst om deze effectief én zo goedkoop mogelijk vrij te maken (ontsluiten). Dat kan nu met het nieuwe proces waarin de biomassa wordt ontsloten met geconcentreerd zwavelzuur. Andere onderzoeksgroepen hopen hetzelfde te bereiken met toepassing van enzymen. Van Groenestijn: “Ontsluiten van suikers met geconcentreerd zwavelzuur is een beproefde methode uit de analytische chemie met een zeer hoge opbrengst. Enzymen komen er niet aan te pas. Dat is een groot voordeel, want enzymen zijn duur en voor de verschillende biomassa stromen zijn verschillende enzym cocktails nodig”. Zwavelzuur daarentegen is niet selectief en ontsluit elke soort biomassa, ook lastig verteerbaar houtafval.



Recyclen en hergebruik

De robuustheid van dit omnivoor-proces is niet het enige wat het zo bijzonder maakt. Het ontwikkelde productieproces is een totaal plan voor gebruik van water, energie en hulpstoffen. Zo wordt door een slimme combinatie van een membraanunit én een afvalwaterzuiveringsunit het zwavelzuur voor 99,9% teruggewonnen. Dat is uniek. Bovendien wordt bij het recirculeren van zwavelzuur tegelijkertijd energie teruggewonnen dat direct in het proces wordt benut. Recyclen en hergebruiken, zowel van zwavelzuur, water als energie, maakt het proces duurzaam en energie- en kostenefficiënt. TNO voert inmiddels gesprekken met Noord-Europese en Zuid-Amerikaanse bedrijven om een eerste demonstratiefabriek te bouwen.



De Europese Commissie wil dat in 2010 5,75% van de fossiele brandstoffen vervangen is door biobrandstoffen. Tien jaar later moet dit 10% zijn.



Het onderzoek aan het productieproces voor bio-ethanol, genaamd het Biosulfurolproces, is door TNO uitgevoerd in samenwerking met Techno Invent en

WUR / A&FSG, en medegefinancierd door het programma Economie, Ecologie en Technologie (EET) van SenterNovem.

 

TNO Persvoorlichting

Maarten Lörtzer

015 2694975 / [email protected]




Trefwoorden: Bioethanol, Duurzaam, Milieu, Olie

Contact Tno

Website - Geen ingevoerd

E-mail

Deze pagina afdrukken

Share